StOKpaardje

Boekbespreking Kleine Sjang en zijn vriendjes

 

Kleine Sjang en zijn vriendjes, door E.F. Lattimore, met tekeningen van de schrijfster, bewerkt door Clara Asscher-Pinkhof, 1963, 1e druk 1936, H.P. Leopolds Uitgeversmij N.V. te 's Gravenhage, eerste oorspronkelijke Amerikaanse uitgave 1931.

Genre: Verhalen over niet-westerse culturen en volken; Kleuterverhalen; Dorpsverhalen.

 

Auteur en illustratrice

 

Eleanor Frances Lattimore, Amerikaans auteur en illustratrice, werd geboren in Shanghai in 1904 en overleed in 1986 in Raleigh, North Carolina. Ze werd grootgebracht in China, waar haar vader Engels doceerde aan de universiteit. Haar ene broer was dichter en vertaler, haar andere China  deskundige. In 1920 ging Eleanor naar de VS. Ze studeerde kunstgeschiedenis en werkte enkele jaren als freelance kunstenaar. Bekendheid verwierf ze als schrijver en tekenaar van meer dan 50  kinderboeken. Een aantal hiervan zijn gebaseerd op haar jeugdervaringen in China. De verhalen over Kleine Sjang (Little Pear) worden beschouwd als klassiekers. Een ander bekend jeugdboek van Lattimore is Junior, het negerjongetje, uit 1939.

 

Clara Asscher-Pinkhof, die alle vier Kleine Sjang boeken en ook Junior bewerkte, heeft door haar joodse afkomst een zeer bewogen leven gehad. In 1944, overgebracht uit Westerbork, kwam ze in Bergen-Belsen terecht, welk kamp ze ook overleefde. Ze ging naar Palestina, keerde terug naar Nederland en overleed in 1984 in Haifa op bijna 90-jarige leeftijd. Haar bewerking uit het Engels naar het Nederlands doet buitengewoon natuurlijk aan. Clara Asscher-Pinkhof werkte mee aan talrijke tijdschriften voor kinderen en is als schrijfster onder meer bekend van een door Miep de Feijter geïllustreerde serie kinderboeken. Van Kleine Sjang verscheen jaren later een tweede vertaling, van Selma Noort, en ook een met een andere illustrator. Over diens tekeningen kan ik enkel afgaan op het oordeel van anderen: 'Ze hálen het niet bij de oorspronkelijke'. Ik kan me er iets bij voorstellen. De illustraties van Eleanor Frances Lattimore zijn namelijk moeilijk te overtreffen.

Fysieke boek

Twee zaken vallen direct op aan ons boek. Ten eerste zijn kwaliteit: stevig gebonden, fijn dik papier en met een stofomslag dat tegen een stootje kan. Zowel band als voor- en achterkant van het omslag zijn geel van kleur, met daarop rode figuurtjes van spelende kinderen. De binnenkant van de wikkel  bevat nuttige uitgeversreclame, voor dit boek en drie andere over Sjang.

Het tweede opvallende is het ongekend gróte aantal tekeningen: 100 stuks – waarvan ruim 30 paginagroot –  op 130 bladzijden tekst. Illustraties die de tekst op de voet volgen en ze nauwkeurig uitbeelden. En dat allemaal in een verfrissende, ogenschijnlijk eenvoudige  manier van tekenen, in dikke zwarte lijnen met veel contrasterend wit.

Het verhaal

 

Waar en wanneer. Het verhaal moet zich hebben afgespeeld op het platteland in de omgeving van Shanghai en tegen de achtergrond van het verdwijnende Chinese keizerrijk (1912) en de nieuwe Republiek China. Het boek verscheen in Amerika  in 1931, dus korte tijd nadat de latere sterke man Chiang Kai-Shek het roer in China had overgenomen.

Gelukkig gezin. Sjang is het voorlaatste uit een gezin van vier kinderen: vader, moeder, zusjes Dagu en Ergu en kleine broertje Shing-er. Het gezin woont in een typisch Chinese woning, die door de auteur nauwkeurig is beschreven en getekend. Vader werkt op het land, moeder thuis, waar ze het huishouden doet en voor de kinderen zorgt. Ze wordt  daarbij geholpen door de meisjes en......... Kleine Sjang. Wanneer deze eens op Shing-er moet passen, doet hij dat samen met Dikkop, zijn beste vriendje, met als resultaat dat zij met elkaars broertje thuiskomen. Ze dachten dat hun ouders zo iets wel leuk zouden vinden.

Dikkop wordt Kaalkop. Een andere keer gaan beide jongens het dorp in met een door Dikkop gevonden dubbeltje, waar je een heleboel speelgoed voor kon kopen. Dat doen ze echter niet, want Dikkop komt op het idee zijn drie nog resterende varkensstaartjes te laten afscheren om zo op een  man te lijken. Zijn moeder kon het niet waarderen.

Longdong, longdong, chiba longdong. Samen beleven ze het Nieuwjaarsfeest, wanneer ze elkaar op straat ontmoeten aangetrokken door het geluid van voetzoekers en de aanblik van acrobaten, goochelaars en andere kunstenmakers. Vooral de toer met stokken en ronddraaiende schijven en de truc – longdong, longdong, chiba longdong –  met de goudvissenkom maken veel indruk.

Herfst en winter in China. Sjang gaat ook vaak alleen op stap, zoals toen hij bladeren ging harken, brandstof voor de kachel, en toen hij zijn vogeltje in een kooitje ging uitlaten omdat een oude man dat ook deed. Prachtig worden zijn belevenissen op het ijs beschreven, op de schaats – Chinezen deden het op één schaats – en op de prikslede met de stok tussen de benen.

Speelgoed. China en speelgoed, ze horen bij elkaar als horloges en Zwitserland. Veel van het speelgoed waar de kinderen van nu mee spelen is eeuwen geleden door Chinezen bedacht. Ook in ons boek is er veel aandacht voor spelen en spelletjes. Zo zien we kinderen vliegers oplaten, een zoemende diabolo in de hoogte gooien en opvangen, bokspringen en pluimbal spelen. De pluimbal was gemaakt van drie haneveren met onderaan een paar munten in een doekje. Voetballers zouden dit spel 'balletje hooghouden' noemen.

Conclusie

 

Hiermee zijn we snel klaar. Kleine Sjang en zijn vriendjes is een vrolijk, fris, leerzaam en vooral ook goed geschreven boek, in soepel en mooi Nederlands. Echte feelgood literatuur. De kwalificatie klassiek boek uit de wereldliteratuur voor de jeugd lijkt me terecht. Ik ben ervan overtuigd dat de kwaliteit van de tekeningen hebben bijgedragen aan die hoge waardering. Wat het grote aantal ervan betreft zou je het boek ook nog tot het genre Prentenboeken kunnen rekenen.

Ten slotte

 

In de jaren 20 t/m 40 zijn meer jeugdboeken over China uitgebracht. Een flink aantal daarvan zijn   avonturenverhalen en jongensboeken (opiumsmokkel!). Andere mogen ook de genrenaam Verhalen over niet-westerse culturen en volken dragen.

Dat laatste geldt zeker voor Niemeijers plaatjesalbum Japan en China (1924) en China en de Chinezen (Otto Felsing/P. Louwerse). Nog een paar titels: Wonderlijke avonturen van een Chinees (Jules Verne), Zoo'n rare Chinees, Hoe een arm Chineesje keizer werd, De erfenis van den Chinees, De geheimzinnige Chinees (Kwartjesboek), San-Yan en de ”Zwarte tijger”, Puk en Muk in China en Toen de honger kwam.

Bram van IJperen
Jaargang 9, nummer 3, 2013